Suriname - 1e dag Galibië (dag 3)
Ik heb al twee nachten heerlijk geslapen in Suriname. We worden vroeg wakker. Maar we gaan vandaag ook vroeg op pad. Afspraak: ontbijten rond 07.00 - 07.30, om 08.00 uur klaar staan bij de receptie. Want dan komt een busje ons ophalen voor de excursie naar Galibië.
 
Opvallend: ik, van nature nachtmens en langslaper, heb er nu helemaal geen moeite mee om vroeg op te staan. Dankzij het tijdsverschil: bij het opstaan slaat in Nederland het middaguur!
Natuurlijk gaan we, als je de tijd met Nederland vergelijkt, ook diep in de nacht naar bed. Maar dat is in Nederland voor mij ook nooit een probleem. Misschien moeten ze in Nederland ook maar eens de klok vijf uur terugdraaien, past prima bij mijn bio-ritme.
 
Na de douche, de zonnebrandcreme- en een half uurtje later de DEET-behandeling ben er klaar voor. Mijn waterdichte tas is gepakt met een extra slip, korte broek, t-shirt korte mouw en een lange mouw, handdoekje, badpak, zaklamp en toiletspullen. En mijn dagrugzakje puilt weer bijna uit van de DEET, Weg-Jeuk, Azaron, water, regencapjes en andere nuttige maar zeker onmisbare zaken.
 
Eerst smullen van het ontbijt.
 
En dan met tas en rugzakje op naar de receptie. Ook nu weer rijdt klokslag 08.00 uur een busje voor. Die vervolgens na een paar honderd meter rijden weer stopt bij het buurhotel Torarica. Zouden de heren van de stadswandeling ook weer meegaan? Nee, het zijn twee blonde jufjes.
In tegenstelling tot de heren stellen ze zich niet voor. We laten het maar zo. Gids Maikel gaat ook mee. En deelt koele flesjes water uit de koelbox uit. Dan rijden we verder.
 
We rijden door een drukke straat. Ochtendspits. Om vervolgens de Suriname rivier over te steken via de Jules Wijdenboschbrug. Ook wel gewoon Surinamebrug genoemd of Bosjesbrug.
Van Meerzorg rijden we via de Oost-West Verbinding door het district Commewijne. Ik ben benieuwd of we in Galibië geraken. Thuis, op internet, las ik dat de weg naar die uithoek van het land bar slecht is. Excursies niet meer doorgaan. Toch zitten wij in het busje.
Al niet veel later voelen we de hobbels en bobbels in de weg. En alle drempels bij iedere school die we passeren.
 
Met z'n allen hobbelen in het busje
 
Als dit alles is valt het wel mee. Tot onze chaffeur een bekende ziet die is verhuisd zonder zijn nieuwe adres achter te laten. Hij stopt de bus. En wat zie ik? Hij draagt een flinke niergordel. Dat is vast niet voor niets. Wat staat ons nog te wachten?
 
Zo hobbelen zo ruim een uurtje door kuilen en gaten. Met behoorlijke vaart. Regelmatig moet het busje aan de andere kant van de weg rijden om schade aan de bodemplaat te voorkomen. Bij de Commewijnerivier stoppen we voor een sanitaire stop, koffie en broodjes. 
 
Maar eerst bekijken we de brug over de rivier.
 
 
Terwijl wij koffie drinken passeert een vrachtwagen ons terras: een doe-het-zelf verhuiswagen. Met de nodige vaart. Zou het glasservies dit wel overleven?
 
We gaan verder, het is nog zeker twee uur rijden. Harvey regelt nog wat blikjes Parbo voor onderweg. Aan de andere kant van de brug staat een controlepost. Hier begint het district Marowijne. De bus moet stoppen, er wordt wat in papieren gekeken en we mogen door.
 
En dan begint het echte hobbelen. Hoe onvoorstelbaar slecht is de weg hier. Niet dat dit voor de chauffeur een reden is om wat rustiger te rijden. Na een tijdje halen we de doe-het-zelf verhuiswagen weer in. Ik weet het nu zeker: dat glasservies ligt aan diggelen.
Inmiddels zien we aan de zijkanten van de weg alleen moerassen en jungle.
 
We steken weer een rivier over. Volgens de gids is dit de diepste rivier van Suriname maar ik twijfel aan zijn woorden. Volgens mij is dit een vertakking van de Commowijne rivier en geldt zijn bewering voor het stuk rivier dat we vele dagen later gaan zien. Maar wat maakt het uit, hier  maak je je daar niet druk om. Aanpassen aan de Surinaamse gewoonte gaat ons goed af. 
 
 
Na een wegafzetting en omleiding, de enige plek in Suriname waar we een richtingsbord met plaatsnamen hebben gezien (is zelfs een tijdelijke oplossing), komen we in een plaatsje: Moengo. Een keurig plaatsje. opvallend veel nieuwbouw. Maar nog niet zo heel lang geleden heeft hier de inlandse oorlog plaatsgevonden. Dit hele gebied heeft er zwaar onder geleden. Moengo is dit nog goed te boven gekomen. Vergeleken met wat we later zullen zien.
 
Moengo is ook kunstzinnig: deze junglekunst zien we onderweg
 
Vanaf Moengo is het niet zo ver meer naar Albina. Wel wordt de weg nog slechter. Onvoorstelbaar slecht. Er zijn volop tekenen van werkzaamheden. Stop en Go mannetjes, machines, omleidingen, noodbruggen. En veel pauzerende werklui. 
 
Dan stopt ons busje. In een voorheen dorpje dat tijdens de inlandse oorlog volledig is uitgemoord. Niet eens zo lang geleden, 1986. Het dorp Moiwana. Een dorpje aan de rand van de jungle. Er is een monument opgericht. Wel heel bijzonder, in de vorm van blokken. De kleine blokjes staan voor de kinderen die zijn omgekomen, de langwerpige voor de mannen, de vierkanten voor de vrouwen en de grote dikke vierkanten blokken voor de zwangere vrouwen. De grote zuil in het midden staat symbool voor de gemeenschap.
 
 
 
We bekijken dit met respect. Daarna krijgen we de gelegenheid voor een natuurlijk sanitair bezoek waar ik graag gebruik van maak. Vervolgens gaan we richting Albina. We zijn er bijna maar dat mag ook wel. Sinds de koffiestop zijn we twee uur verder.
 
Albina is een rommelig plaatsje aan de rivier Marewijne. Aan de overkant ligt Frans Guyana. Met dat land wordt driftig handel gevoerd. Het dorp bestaat voornamelijk uit Chinese supermarkten in een soort industriegebouwtjes waar nooit enig architect aan te pas is gekomen. Maar ook Albina heeft het zwaar gehad in de inlands oorlogtijd. Het plaatsje werd bijna van de kaart geveegd.
 
Albina
 
We pauzeren even. Voor degene die liever ommuurd sanitair zien. Om inkopen te doen. Ik ga voor een echte chinese regencape en slippers. Want veel vertrouwen in mijn Hema-spul heb ik niet. We drinken nog een Parbo in afwachting van het vertrek. Ik verwissel vast mijn wandelschoenen voor mijn nieuwe chinese slippers. We zijn nog niet op de plaats van bestemming. Het busje bijna, wij nog niet. We moeten verder met een bootje. Een soort van holle boomstamboot met buitenboordmotor. De gids heeft hem al aangewezen.
 
Na de Parbo dirigeert de gids ons naar de bus. 5 minuten bussen en onze boot komt dan naar de opstapplaats. Bij de opstapplaats maken we ons klaar voor de boottocht. Op aangeven van de gids houden we de regencapes in de aanslag. Niet voor de regen, maar voor het gespetter. Zegt hij vol overtuiging. Zwemvest aan. Bagage in het bootje. De bagage wordt keurig ondergestopt onder een zeil. En dan zelf aan boord stappen, via het water. Nu kan ik al bijna niet op zulke teenslippers lopen, laat staan op chinese exemplaren die helemaal niet lekker zitten. Maar slipper-lopen in het water op zanderige bodem is voor mij extreem moeilijk. Gelukkig gaat het net goed.
 
De opstapplaats van de boot met ons busje op de achtergrond. Pieter bestudeert zijn chinese regencape.
 
Onze holle boomstam ligt al klaar
 
Het is heerlijk om op zo'n bootje te zitten. De klamme vochtige lucht voel je niet meer door de vaarwind. Echt genieten. Je hebt niet veel fantasie nodig om aan de rand van de rivier de denkbeeldige kaaimannen te zien liggen. Het junglegevoel komt helemaal naar boven. Dit is geen Paramaribo.
 
 
De gidsen zitten voorop. Al heeft het mannetje achter op de boot echt het roer in handen.
 
Dan geraken we in het wat ruiger stuk van de rivier. Valt reuze mee. De verrassing komt echter van boven. Een giga tropische regenbui overvalt ons op de boot. En we moeten toch zeker nog een kwartier tot twintig minuten varen. Zelfs de made-in-china capes uit Suriname zijn niet bestand tegen zoveel nattigheid. Als onze bestemming in zicht komt stop de regen.
 
De echte nattigheid komt toch echt van boven...
 
 
Dan zijn we ineens op de plaats van bestemming. We stappen uit. Mijn teenslipper bleef steken in de rivierbodem maar mijn tenen kunnen hem net redden. Bagage wordt uit de boot getild en aan de kant gezet. Op naar ons nieuw tijdelijk verblijf: Myrysji lodge in Christiaankonde. Indianendorp in het gebied van Galibië. Een houten gebouw, soort jeugdherberg, aan de oever van de rivier.
 
Iedereen is doorweekt...
 
We krijgen kamers toegewezen. Nette kamers. Bed met klamboe, eigen wc en douche. Koud water en stroom tot 23.00 uur. Snel omkleden en de natte kleding op de lijn hangen. Naast de zwemvesten.
 
 
Tijd voor wat ontspanning en Parbo.
 
Na de regenbui zien we hoe prachtig het hier is. Hier wil je toch nooit meer weg!
 
 
Om 17.00 uur verzamelen, dan staat de eerste activiteit op het programma. Een bezoek aan het indianendorp en de plaatselijke dierentuin.
 
Eerste indruk van het dorp.
 
 
De zon brandt op je huid, ondanks het late middaguur. We horen zaken over het dorp. Er wonen circa 900 mensen, verdeeld over twee dorpen. Het dorpshoofd wordt gekozen. Als hij niet goed is voor de bewoners wordt hij uit zijn functie gezet. Dit is al eens gebeurd nadat dat dorpshoofd grootschalig toerisme wilde bevorderen.
De vrouwen in het dorp hebben een eigen boot zodat ze niet afhankelijk zijn van de mannen. De mannen vissen en verkopen de vis aan de overkant: in Frans Guyana. En de vrouwen hebben een eigen gemeenschapshuis. En een winkel waar ze handgemaakte sierraden en ander moois verkopen. Tegen prijzen waar je thuis geen kraal voor kunt kopen. Ik zwicht: tenslotte moet je  vrouwen steunen. Voor het goede doel. Een armbandje: omgerekend nog geen 2,50 euro.
Maar voor hun wel weer een mooie duit in het zakje.
 
Het armbandje, ligt op een boek dat we later hebben gekocht. De foto is als Suriname zelf. Smeltkroes: Indiaans naast de Marrons, alles gaat samen.
 
Daarna gaan we naar de dierentuintje. Wel eentje met veel dieren. Bij een echte indiaan, Ignatius Tapoka. Hij was ooit jager maar heeft zijn leven gebeterd. En de dierentuin gebruikt hij om de kinderen van het dorp te laten leren over dieren.
De toegangsprijs is 6 SRD, omgerekend 1,20 euro. Christiaankonde ontvangt maximaal 3000 toeristen per jaar. Die vrijwel allemaal zijn tuin bezoeken. In onze ogen is de opbrengst per jaar beperkt maar voor deze indiaan en het dorp is het goud.
 
Ignatius Tapoka met zijn brutaalste aap
 
Er zijn tal van dieren. Papagaaien, verschillende loslopende apen die echte apenstreken vertonen, een enge slang, wilde zwijnen met jonkies, een vogelspin, een capibara (soort reuze-cavia), een soort miereneters, een toekan, landschildpad en een luiaard met baby. En een woeste wilde boskat.
 
 
 
 
 
 
 
Iedereen wil een dier knuffelen of vasthouden.
 
Pieter wordt bijna verliefd op mamma-luiaard.
Later komt baby-luiaard uit de emmer en dat is bij hem echt liefde op het eerste snuit:
 
Mamma is ook aardig lui
 
Wie durft deze jongen aan?
 
Harvey geeft het voorbeeld. Pieter volgt later.. 
 
Best een eng ding
 
Deze woeste Wilde Boskat maakt indruk op mij als kattenliefhebber. Al zit hij wel in een veel te klein hok. Ignatius vindt dit zelf ook. Hij is aan het sparen om een groter hok voor hem te bouwen. Toch blijft ik het zielig vinden, zo'n beest in een hokje.
 
 
 
 
En die ene aap is dol op Wilde Boskat-pesten...
 
 
Vooral de onderstaande jongen is dol op apenstreken. Hij probeert kooien te openen, papagaaien op te jagen, bijt de huppelde beesten met lange staart in hun achterste, poseert uitgebreid met een vrucht tussen zijn poten voor mijn camera (foto helaas mislukt) en regelt dat toekan onverwacht op de vlucht kan slaan. Onze kat Mica zou deze aap geweldig vinden, die twee kunnen het vast goed met elkaar vinden.
 
  
 
 
 
 
Maar van de wilde varkens is hij bang, hij krijst de hele boel bij elkaar als hij die ziet. Dat zal Mica nooit doen....
 
Ook de andere loslopende apen vermaken ons prima met hun streken en sprongen. Zodat we veel te lang in de tuin blijven hangen. Veel later in de vakantie zien we dit soort druktemakers nog uitbundig in de echte jungle. Springen ze van tak tot tak.
 
 
 
 
 
En deze jongens zijn ook leuk. Ze babbelen er op los. En zijn zo fleurig en vrolijk..
 
 
 
We moeten echt terug. De rest van het indianendorp bekijken we morgen. Het eten wacht. Al is indiaan Ignatius nog niet toe aan een afscheid. 
Hij drukt ons dan ook op het hart dat we morgen opnieuw welkom zijn om zijn dieren te knuffelen. We hoeven dan niet te betalen.
 
Terug op onze stek maken we nog snel wat foto's van deze veel te mooie omgeving in het bijna avondlicht...
 
Dan is het etenstijd. Rijst, kip, gebakken banaan, kousenband, pannenkoekjes en meer lekkers komt op tafel. Gemaakt door de vrouwen in de keuken.
 
 
We helpen afruimen en hebben nog even rust. Om half acht gaan we weer op pad, Het is dan inmiddels donker. Bestemming is de overkant van de rivier, de zeekant. Illegaal in het donker naar de overkant: Frans Guyana. Om de eieren-eg van de zeeschildpadden te bekijken. Heel spannend.
 
In het donker beklimmen we onze boot. Ik vervloek inmiddels mij chinese slippers. Slipper-lopen is niets voor mij. In het pikdonker varen we de Warowijnerivier over. Met boven ons een sterrenhemel vol met melkwegstelsels. Zwaar indrukwekkend.
 
Aan de overkant, aan de zeekant, schijnt de gids een paar keer snel over het strand. Ze moeten uiterst voorzichtig te werk gaan want zaklampschijnsel kan de leg verstoren. De schildpadden zijn gevoelig voor licht in het donker. Als babyschildpad is licht in het donker het baken om de zee te vinden. Al komt het licht dan van de maan. We stoppen en klauteren in het donker (met toch een beetje zaklamplicht) uit de boot. Ik trek mijn slippers meteen uit en besluit op blote voeten verder te gaan.
We lopen een eindje het strand op en komen bij een heuveltje. Bovenop ligt een reuze zeeschildpad-vrouwtje van ongeveer 1.80 lang.
 
 
Het gat voor haar kostbare eieren heeft ze al gegraven. In het donker kijken we toe, wat gaat ze doen? Ze kreunt, zucht en kermt. Ze is wel in trance en heeft geen oog voor de omgeving. En dan begint de leg. Voorzichtig schijnt de gids wat licht bij. Aan de achterkant zodat het vrouwtje dit zelf dit niet kan zien. Dan glijden haar baby's in wording als golfballetjes in het gat dat ze heeft gegraven.
 
 
Het is een zware klus: ze kreunt steeds harder. Arm beestje, ik heb echt medelijden met haar.
 
Na de leg bedekt ze haar kostbaar bezit zorgvuldig met een stevige laag zand. Met haar achtervinnen stuift ze het in de kuil om beetje voor beetje stevig aan te drukken. Indrukwekkend. Het is net of ze de grond met haar achtervinnen aan het kleien is. Wat is dit geweldig en uniek om te mogen zien.
 
 
De Franse wetenschapper komt langs. Bekijkt met een scanapparaat of ze een chip heeft. En vraagt of ze eitjes heeft gelegd. Hij noteert wat gegevens en gaat weer weg. Dit is wel toerisme maar in de goede zin: met respect voor de natuur, beperkt. Echt eco. Laten ze dit vooral zo houden. Voor het behoud van deze beesten. Zorgvuldig, beperkt  en gecontroleerd.
 
Onze gids gaat op zoek en komt even later terug met 3 baby-schildpadjes die hij in een nest heeft gevonden. Ze kruipen ongecontroleerd en wat wezenloos over de grond. Het zijn de laatste uit het nest, de minst sterke. Eigenlijk bij voorbaat ten dode opgeschreven. Toch begeleiden we ze met een zaklamp richting zee. Moedigen ze aan richting zee te kruipen. Waar de meervallen al op hen liggen te wachten. Van de 1000 jongen schildpadden die het nest verlaten overleven, bereiken maar een paar schildpadden de volwassen leeftijd. Het merendeel wordt al opgegeten tijdens hun eerste kennismaking met de zee. Toch juichen we allemaal als alle drie de schildpadjes zijn ondergedoken in de zee.
 
 
We lopen terug. Ineens staat onze gids stil. Zojuist zijn de eieren van een soepschildpad (zo heten ze echt) uitgekomen. Een spoor van honderden kleine schildpadjes. Op weg naar de zee. Zo lief, zo geweldig. Maar ook bizar als je net hebt gehoord dat na een paar meter eerste zwemles de kaken van de meervallen en ander visgespuis op ze liggen te wachten. Dat is de natuur...
 
 
Zwaar onder de indruk varen we terug naar Suriname, een tochtje van ongeveer 20 minuten. Dit keer zonder regen. Het is heerlijk koel op het water. De sterren in de hemel begeleiden ons.
 
We zitten nog even buiten op de veranda. Deze jongens komen ons vergezellen.
 
Harvey wilde nog iets bijzonders organiseren. Hij heeft gesproken met de gids en de rest van de organisatie. Wat Whiskey gedeeld. Of ze na afloop van het schildpadavontuur een kampvuur willen maken op het strand. Wat vis roosteren. Maar de gevangen vis is deze ochtend naar het buurland gebracht om te verkopen op de markt. Een heel leuk idee, goed bedoeld. Maar iedereen is zo onder de indruk en moe dat de klamboe's al snel in gebruik worden genomen. Zeker door Pieter die zich nu toch niet lekker voelt na deze tocht. Nog voordat het licht in het dorp en in onze lodge uitgaat liggen wij ook onder ons beschermend gaasdoek. Met het getrommel van de indianen op de achtergrond vallen we snel in slaap. 
 
Wel regelt Harvey een andere verrassing voor ons: voor morgen. Dat lees je in het verslag van dag 4.
 
Galibië is geweldig!
 
Tot babbelzzz, tot dag 4....
Marjanne

Reacties

astridvanbeers op 11-06-2011 12:06
Wat een prachtig verslag! En wat een mooie ervaring.
dutchmoon op 17-06-2011 11:31
Inmiddels loop ik wat achter op je verhalen en dat is niet erg, want nu kan ik lekker doorlezen. Ik ben ook onder de indruk van dag 3. Ademloos gelezen en gekeken. Wat een prachtige natuur zeg.
Ik ben overigens nu wel nieuwsgierig naar jouw chinese slippers. Hadden toch op z'n minst op de foto gemogen hihi.
 
En wat een lange dagen vol indrukken maken jullie zeg. Ik ga nu naar dag 4 en een verse kop koffie ;-0
Commentaar
Jouw naam/bijnaam
Website url
E-mail
Je Punt profiel
Hou mij op de hoogte
Ik wil op de hoogte gehouden worden
Vul deze captcha in
Dit is een verplicht veld
Laatste tweets
Abonneren

Abonneer je nu voor nieuwe artikelen op deze website!

Welkom op Babbelzzz
Dit is Babbelzzz....

 

 

 

 

 

 

Mijn persoonlijke weblog die vooral gaat over mijn Vogelhuisstad: door mij gepimpte vogel-huisjes die hele steden vormen tegen de muur.
Met bewoners, ieder met een eigen verhaal. Plus het roddelkrantje "De Kwek", gratis in ieder vlieggat bezorgd. Een wereld op zich!

Naast vogelhuisjes pimpen doe ik andere dingen: (nat)vilten, kaarden, breien, snailmailen en meer.
En haken....

Kun je hier ook aantreffen. Verder ben ik dol  op kunst, vormgeving, textiele vormgeving,  fotografie, Photoshop en muziek. En onze drie Heertjes Katers, de katten. Die hebben een eigen weblog waar ze hun avonturen krabbelen.

Veel lees- beleef- en kijkplezier !

Vogelhuisstad:



Categorieën
Leuk!
Favoriete blogs & meer

"Zilverblauw" Anki maakt ook
mooie posters.
(klik op het plaatje)
 
 

 

 


 

 
 
 
Leukste stoffen web-winkels





 
 
 
Andere zaken
 
 


Beeldend kunstenares Miek
Asselman van Miek
(illustraties & kunst)
 
 
 

Ballonartieste Moniek van Alphen
maakt prachtige creaties
!















Kijk ook...
Kijk ook....
 
  POOTJESTIJD  
 
Onze katten Glammer, Mica
& Pansy krabbelen regelmatig
hun avonturen op een puntje.
 
 

Je bent ook daar welkom!

Wil je een kopje of pootje?
Ze staan spinnend klaar om jullie
te begroeten.....
Tellen maar!
Wij tellen ...

 

 

 

 

 

 

 

 

Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl - Design by Ontwerpmijndomein.nl